‘bliksemend weerlicht’

Toen onze vaste postermaker * het thema voor de maand januari hoorde, moest ze heel diep nadenken welk beeld daar nu toch bij kon horen. Ik noemde ‘verwachtingspatroon’ omdat ik zo wars ben van alle goede voornemens die we onszelf en elkaar bedenken aan het begin van het nieuwe jaar. Zij zei dat een verwachtingspatroon pas ontstaat na de goede voornemens, en hadden dichters die überhaupt? enfin, ze moest heel lang nadenken en zei dat het het moeilijkste thema was ooit. Hoe dat voor onze gasten was, hoorden we van hen zelf. Uit Leiden ons enfant terrible, Martin M. Aart de Jong, een van de mooiste dichtersnamen ooit, uit Gent Erika de Sterke, bijna ieder weekend onderweg voor de poëzie, uit Groningen, minstens even ver, Margrethe Venema met haar debuutoptreden en stadsdichter Zaanstad (Zaandam? Nee, ZaanSTAD) Kees-Jan Sierhuis van heel dichtbij. En terwijl Martin M. Aart de Jong uitbarstte in balkend vuurspugend ritme waarbij de ogen schitterden, een voor een mantel en vest verdween en met rode wangen het leven betoogd werd, maakte Erika de Sterke grapjes over de verdwenen ridders op het paard, om uit te komen bij haar eigen manhaftigheid. Margrethe Venema nam zich voor de ruimte opnieuw te verdelen en te beheersen en had het over hart en hoofd terwijl zij het podium innam terwijl Kees-Jan Sierhuis het publiek met sterke hand en toon naar de vensters trok waar de wereld in haar geheel en Alkmaar in het bijzonder op sterven na dood was. Rustig zitten was eigenlijk geen optie dan op het puntje van de stoel en met rode wangen opnieuw beleven hoe poëzie prikkelt, raakt en leeft. Een betere verwachting of voornemen is er niet!

*Wij danken natuurlijk poet Helle van Aardeberg voor haar maandelijkse creatieve bijdrage!

(‘bliksemend weerlicht’ komt uit De Intocht van H.H. ter Balkt)
foto: Kees-Jan Sierhuis interactief bezig!

Bijdragen:

Zinnebeeld
—————

Op het belfort glinstert een draak.
Er zijn bootjes op de Lieve en
de Leie, mastellen en neuzen in
de kramen, mosterd, buffalo’s,
hespen en fietsers.

Maar vergeet haar niet, zij die
schittert op de voorsteven van
schepen, zij die met haar boezem
het water beheerst. Zij, de maagd
van Gent.

Geprezen in vol ornaat, in woord
en beeld, een leeuw ligt aan de
kloeke voeten.

Aan alle vrouwen ter wereld,
wees gezegend.

Erika De Stercke

 

Vrouw zonder gezicht

————————–
We wandelen door weelderig witte wegen
verstild verdriet verdween in Kranenburgh niet,
op het w.c. hoorden we Zwagerman zwart
en wit windstil tussen vuren regels spreken
we liepen verder, lieten ons los in het sublieme
in subtiel met zorg gekozen kunst.
Zwagerman, gesluierd zoekgeraakt in zee,
zochten wij in monumentale nevelen
we vonden niets in leegte, wandelden door waas
om laag na laag het sliertig leven af te leggen
In nonnenkleding beneveld aan het strand
doemden figuren op uit flinterdunne fantasie
mijn ziel, het zicht helderde door fantomen heen
je tilde me een laatste keer over wars water
droeg me naar de overkant van de rivier de Styx
terug naar het land van levenden
de zee onzichtbaar, onzegbaar ver de horizon
vlogen wij verder, verwijderden ons van Joost

Ik landde op het podium om vrij te mogen spreken
het licht scheen fel in mijn gezicht,
mijn opstand dimde, ik liep over en kreeg vorm,
vrijheid daagde aan de oever van mijn opstand
in de auto, aan beide zijden van de weg het donker
dacht ik aan niets, was nergens meer en zweeg
Zwagerman stuurde ik niets dan liefde toe naar nergens
onderweg naar huis heelden mijn gesproken wonden
leeg veerkrachtig vrij en vrij verbonden met het al
werd ik deel van dood en leven, schim en schaduw
vrouw zonder gezicht, om uit het niets te geven

Margrethe Venema

 

Geef een reactie

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.